De zoektocht naar die ene ‘definitieve’ versie. Een contentmigratie die eindeloos uitloopt. Een collega die als enige weet waar iets staat. Het zijn dagelijkse frustraties op bijna elke marketingafdeling, van retail tot uitgeverij tot overheid. We proberen de controle terug te krijgen door meer technologie toe te voegen, maar de realiteit is weerbarstig. Grote organisaties werken inmiddels met tientallen tools en produceren jaarlijks tienduizenden statische assets. Ze verdrinken in de hoeveelheid content, terwijl het overzicht volledig ontbreekt.
Tijdens mijn sessie op de Content Conference in Jaarbeurs Utrecht stelde ik de zaal één vraag: “Wie heeft er vandaag nog gezocht naar de definitieve versie van een bestand?” Bijna elke hand ging omhoog. Die herkenning zegt alles. De frustraties waarover we die dag spraken, spelen in vrijwel elke contentorganisatie.
De oplossing zit niet in nóg een nieuwe tool of het sneller produceren van bestanden. Het vereist een breuk met hoe we content maken: de verschuiving van losse, statische brokstukken naar slimme, herbruikbare bouwstenen. Dit is het domein van content engineering.
Rafaëla Ellensburg – Frankwatching Content Conference 2026 – Jaarbeurs Utrecht – Fotografie: Michiel Ton
De systeemfout: de migratie-paradox en de tool-terreur
Veel organisaties hopen dat een nieuw Content Management Systeem (CMS) of een Digital Asset Manager (DAM) hun problemen als sneeuw voor de zon laat verdwijnen. Dat is een misvatting. Een migratie is in de praktijk zelden een schone start. Het is vaak een verhuizing van oude chaos naar een nieuw jasje.
Je migreert niet alleen bestanden. Je migreert ook werkwijzen, context en structuur, of het gebrek daaraan.
Wanneer de onderliggende logica ontbreekt, krijgt het nieuwe systeem exact dezelfde rommel te verwerken. Dat geldt ook voor AI-initiatieven. AI kan pas personaliseren of relevante output genereren als het begrijpt wat de content betekent. Zonder structuur en context snapt AI jouw content simpelweg niet. De reflex om bij onrust meer tools en meer AI in te zetten, zorgt alleen maar voor meer schakelen, meer reviewwerk en minder overzicht.
De werkelijke oorzaak van de chaos zit dieper:
- Geen gedeelde structuur: er is geen uniform systeem voor hoe content wordt opgebouwd.
- Geen context in de content: bestanden hebben geen betekenisvolle metadata.
- Geen single source of truth: teams werken in silo’s met eigen mappen en versies.
Sla je deze context en structuur over? Dan schaal je geen content, maar verwarring.
De maplogica-val: waarom zoeken niet meer werkt
Ik heb dit patroon ruim tien jaar van binnenuit gezien bij Albert Heijn, waar ik aan content engineering en contentmigraties werkte, en ik herken het inmiddels in vrijwel elke grote contentorganisatie. Hoe groter de schaal, hoe pijnlijker het gebrek aan structuur voelbaar wordt. In veel organisaties zijn tientallen handmatige stappen nodig om één enkel bericht op één kanaal te krijgen.
De frustratie op de werkvloer ontstaat door systemen die steunen op maplogica in plaats van contentlogica. Content zit verstopt in een doolhof van mappen, waarbij je precies moet weten waar iets staat om het te kunnen vinden. Het resultaat kent iedereen: eindeloos zoeken naar versies als “zomer_campagne_v2_final_definitief.jpg”.
De signalen van deze complexiteit zijn universeel:
- Dubbele assets: meerdere varianten van hetzelfde bestand zwerven rond in verschillende systemen.
- Inconsistente labels: teams gebruiken verschillende termen (bijvoorbeeld ‘zomer’ versus ‘summer’) voor dezelfde campagnes.
- Verborgen kennis: metadata en betekenis zitten in de hoofden van collega’s, niet in het systeem. Je moet continu navragen wat de status van een stukje content is.
Herken je twee van deze drie? Dan is je probleem geen tooling-probleem, maar het gebrek van een gedeelde structuur onder je content.
Van content-archief naar slim ecosysteem
Om deze cirkel te doorbreken is een mindset-shift nodig. In mijn presentatie gebruikte ik hiervoor de LEGO-metafoor. Veel content is nu een vastgekit bouwwerk: een statische afbeelding waarin tekst en beeld in elkaar versmolten zijn. Wil je de prijs of de datum aanpassen? Dan moet je het hele bouwwerk slopen en opnieuw beginnen. Bij een modulaire aanpak vervang je simpelweg één bouwsteentje.
Dit wordt mogelijk door het COPE-principe: Create Once, Publish Everywhere. Een campagne-uiting bestaat dan uit losse, intelligente lagen, zoals tekstpanels, logo’s, productbeelden, sfeerbeelden en achtergronden. Die bouwstenen structureer je één keer en stel je daarna slim samen voor de website, de app, social media, digitale schermen op locatie én als betrouwbare bron voor AI-assistenten.
Om dit te realiseren moet de onderliggende structuurlaag op orde zijn. Die bestaat uit acht onmisbare elementen:
- Contentmodel: de definitie van je contenttypes en hun onderdelen.
- Metadata: de extra informatie die context geeft aan een asset.
- Taxonomie: de gedeelde taal en classificatie (bijvoorbeeld seizoenen, doelgroepen).
- Relaties: hoe verschillende bouwstenen met elkaar verbonden zijn.
- Eigenaarschap: wie verantwoordelijk is voor welke informatie.
- Governance: de regels en richtlijnen voor het gebruik.
- Workflow: de stroom van creatie tot publicatie.
- Semantiek: de betekenis van de content voor zowel mens als machine.
Drie argumenten om hier budget voor te claimen bij je leidinggevende
- Risicoreductie: structuur voorkomt fouten, dubbel werk en juridische missers door verkeerd versiebeheer.
- AI-readiness: AI-tools geven pas relevante output als de input is voorzien van metadata en context. Dit is de basis voor personalisatie.
- Schaalbaarheid: een snellere time-to-market doordat je content hergebruikt in plaats van steeds opnieuw maakt.
Zo beweeg je van een reactieve contentorganisatie naar een geoliede machine waarin content strategisch als waardevolle asset wordt benut.
Begin klein: 3 concrete stappen voor morgen
Je hebt geen nieuwe tooling nodig om te beginnen. Grip op content ontstaat door de logica op orde te brengen, en dat begint op papier.
Stap 1: (h)erken de complexiteit
Kies één specifiek contenttype waar je team dagelijks mee worstelt, bijvoorbeeld een campagnebanner. Breng de huidige frictie in kaart: wordt content opnieuw gemaakt omdat het onvindbaar is? Moeten mensen gokken welke versie de juiste is? Dit inzicht is je startpunt.
Stap 2: ontwerp de structuurlaag (start op papier)
Voordat je een tool aanraakt, schets je het contentmodel. Welke elementen bevat dit type? Definieer de taxonomie (de vaste termen) en leg dit vast in een metadata dictionary. Hierin bepaal je expliciet wat invoervelden betekenen. Breng ook de relaties tussen verschillende assets in kaart.
Stap 3: maak basisafspraken
Stel heldere richtlijnen op die de bron van waarheid definiëren. Maak afspraken over:
- Naamgeving: een strikt format voor alle bestanden.
- Eigenaarschap: wie beheert de status en de goedkeuring?
- Governance: waar staat de definitieve, herbruikbare versie van een bouwsteen?
Structuur is geen extra werk. Het is de investering die alle andere investeringen laat renderen. Zonder een stevig fundament van structuur en centralisatie blijft elke investering in AI of automatisering dweilen met de kraan open. Begin vandaag bij de basis: breng de logica op orde en transformeer je content-archief in een toekomstbestendig ecosysteem.
Rafaëla Ellensburg tijdens de Frankwatching Content Conference 2026 in Jaarbeurs Utrecht – Fotografie: Michiel Ton
Headerfoto: Michiel Ton








